Palingbeek Nieuws

Zekerheid in de golfsport

06 August 2018




Om een golfregel toe te passen moet je ZEKERHEID hebben. Zo ook dus om de regel van de waterhindernis toe te passen.

Als de bal "misschien, waarschijnlijk, eventueel, enz" in een waterhindernis ligt heeft de speler geen zekerheid en mag hij de regel van de waterhindernis NIET toepassen.

Hoe ontstaat ZEKERHEID ?

Zekerheid ontstaat:

1/ doordat de speler de feiten heeft waargenomen (hij heeft de bal in de waterhindernis zien vliegen).

2/ door getuigenis: een medespeler of toeschouwer heeft de bal in de waterhindernis zien belanden en deelt dit mee aan de speler.

3/ omdat de omstandigheden ter plaatse dusdanig zijn dat er zekerheid ontstaat.

Verduidelijking van punt 3:

a. Je speelt de bal over een bult op het terrein en je kent het terrein onmiddellijk achter de bult nl een grote vijver.

Je hebt de vlucht van de bal gezien en je weet dat de bal met zekerheid in de grote vijver zal terecht gekomen zijn omdat er geen lang gras rond de vijver staat (zodat je de bal eventueel zou zien liggen) en omdat de vijver onmiddellijk achter de bult ligt.

Je moet de regel van de waterhindernis toepassen.

Het is in dit geval reglementair verboden om een provisionele bal te spelen (rule 26).

b. Je speelt de bal over een bult. Je weet NIET wat er achter de bult ligt.

Het is verstandig een provisionele bal te spelen om te vermijden dat je met 1 strafpunt moet terugkeren naar je vorig shot.


Als je ter plaatse komt zijn er 2 mogelijkheden:

1/ Situatie zoals beschreven in "a" hierboven. Regel van de waterhindernis toepassen.

2/ Achter de bult ligt een zone die dusdanig is dat er geen zekerheid is dat de bal in een waterhindernis ligt bv. een kronkelende beek met lang gras er rond.

In dit geval moet je de bal vinden.

Vind je hem in de waterhindernis: regel van de waterhindernis toepassen.

Vind je hem buiten de waterhindernis: spelen zoals hij ligt.

Vind je hem niet: De bal als verloren beschouwen en verder spelen met je provisionele bal mits bijtellen van de slag met de provisionele bal + 1 strafpunt. Je zal dus nu je 4de slag doen.


Wat betreft eventuele discussies:

In het golfspel is de speler zijn eigen referee. Een marker in strokeplay of een tegenspeler in matchplay is geen referee.

De speler beslist dus zelf over de correcte toepassing van de golfregels rekening houdend met de feiten (is de bal gevonden? ligt hij in het water? is hij onspeelbaar? enz)


Wat in geval van meningsverschil of discussie.

1/ STROKEPLAY

Discussie over de feiten: De speler beslist.

Discussie over de rules: De speler moet 2 ballen spelen in toepassing van ieders mening over de rules.

Beide scores moeten genoteerd worden en aan de commissie of organisatoren moet na de wedstrijd gevraagd worden wat de juiste rule was.

2/ MATCHPLAY

Discussie over de feiten: De speler beslist

Discussie over de rules: De speler beslist. De tegenstander kan na de wedstrijd een claim indienen bij de commissie (de organisatoren).

De commissie zal een beslissing ter zake nemen die bindend is voor beide parijen.


Tot besluit moet ook nog vermeld worden dat het feit dat een speler beslist over de feiten geen vrijgeleide betekent voor de speler om de feiten te verdraaien.

De speler moet verplicht uitgaan van de waarheid wat de feiten betreft. Zoniet speelt hij vals en moet hij gediskwalificeerd worden.